Zo klein ik ben
Soms realiseer je je... dat je klein bent. Niet klein in lengte, of in gedrag, niet als in een peuter, iemand benodigend autoriserend gedrag. Maar klein, klein in de wereld. Als één van de biljoenen. Zo gebukt gaant onder tirannie, waarvan je nauwelijk weet hebt, doch waar je wel de adem van onderdrukking voelt door het nieuws, door de dagelijkse zaken uit een gewone zaterdag. Daaraan wil ik een gedicht opdragen. Ik heb het vorig jaar geschreven.
___________________________________________
[uit de bundel: Het Eeuwige Oordeel]
Naar geweld heb ik gekeken
Van buiten ben ik niet meer klein
Verdriet en leed heb ik gezien
Kind kan ik nu niet meer zijn
Angst omvat mij door de beelden
Door de beelden die ik zag
Zij stoten liefde uit mijn leven
Tranen omvatten nu mijn lach
Levenloos nu zit ik hier
En niemand die het ziet
Ik luister naar mijn kloppend hart
Haar slag, zij tempert van verdriet
Naar angst heeft mijn ziel zich reeds gebogen
Om snel en gelukkig te omarmen
Haat heeft mijn tranen weg doen vloeien
Zodat zij haar met liefde kon erbarmen
Ik luister naar jou dankbaarheid
De dankbaarheid die in mij weerklinkt
Gestaag vloeien nu de tranen
Wanneer mijn ziel voor altijd naast mij zinkt
_____________________________________________
Ja, soms realiseer je je dat je eigenlijk niets bent. Niets in vergelijking met de machtige wereld, met keuzes van hogere hand. Staking van het ov, Kruidvat, dat net voor je neus dicht gaat, een op te ruimen kamer. Zo'n dag, is nu.

<< Home